Zeeuws Orkest in zomerstemming met Vlaams tintje
Jeanette Vergouwen
Het Zeeuws Orkest pakt dit weekend uit met de reeks Zomerconcerten. Meer Zomers kan het niet. De dagen zijn zonovergoten, de sfeer aangenaam en muziek is altijd verkwikkend.
Vrijdag 16 juni speelden de musici o.l.v. Ivan Meylemans in de prachtige Grote of Sint Nicolaaskerk in Brouwershaven. Het concert wordt aangekondigd als een Belgisch Feestje, een verkapte pluim voor de Vlaamse componisten en de Vlaamse musici en dirigent van HZO.
Dit Feestje werd geopend met The Wasps van Ralph Vaughan Williams. Deze toneelmuziek schreef de Engelse componist voor de universiteit in Cambridge in 1909. Het volledige werk was bestemd voor mannenkoor en orkest, maar hij destilleerde er deze ouverture uit, een op zichzelf staande compositie. Typisch Brits, maar in de orkestratie zijn Russische- en Franse expressionistische invloeden te herkennen. De spanning wordt prachtig opgebouwd. Je hoort en voelt als het ware de ijverige beestjes de ruimte in vliegen. Eerst een beetje boosaardig en daarna steeds vrolijker. Het lijkt wel of de zwerm wespen op een dansante manier een dorpsfeest opluisteren. Qua uitvoering een moeilijke opdracht voor het slagwerk en de koperblazers. Maar de partituur leverde voor deze twee categorieën musici geen enkele moeilijkheid op. Chapeau.
De rode draad in het programma wordt door dirigent Meylemans, op de zijn humoristische manier van uitleg, gevormd door de connectie tussen het karakter van de werken. De Russische invloed bij Vaughan Williams, de banden met Frankrijk en Engeland van de Belgische componist De Greef, de invloed van Russische muziek in het werk van De Boeck en de invloed die de rus Rachmaninov onderging in Amerika. Als andere rode draad zou ik de inbreng van het slagwerk en de kopersessie kunnen toevoegen.
5 Chants d’Amour voor sopraan en orkest van Arthur de Greef (1862-1940) is een prachtig werk. Soliste Anneke Luyten bezit een soepele stem, zingt moeiteloos de hoge noten en brengt de inhoud en de sfeer van de (zwaarbeladen romantische) teksten goed over. Zij durft zacht te zingen als de emotie dit vereist. Het orkest begeleidde vol enthousiasme, voor mij een beetje te enthousiast, want het was voor de soliste bijna onmogelijk om tegen dit orkestvolume op te boksen. Noem het een verstoring van de balans, noem het een verkeerde dosis van adrenaline, maakt niet uit. Een ding mag overwogen worden, stem onderling beter af, ook als de open ruimte van de kerk orkest en sopraan niet optimaal is. De potentie is er en met iets minder volume in de orkestpartij zal dit werk meesterlijk overkomen.
Dahomeese Rhapsodie schreef August De Boeck (1865-1937) eind 19de eeuw. Werkelijk een schitterende, knappe orkestratie vol melodielijnen, overgoten met een vrolijke saus. Typisch muziek waarbij je denkt, trek nu maar alle registers open. En dat deed het Zeeuws Orkest. En ook in dit werk was er een belangrijke inbreng voor de koperblazers en het slagwerk.
HZO sloot af met de Symfonische dansen van Serge Rachmaninov. Hij schreef het in 1941 drie jaar voor zijn dood in Philadelphia. Het werk bevat moderne invloeden, klinkt soms pathetisch, maar blijft lyrisch. De elementen hartstocht en warmte komen uit, energie en nostalgie ook. Een rapsodisch orkestraal werk waarin alle instrumentensessies aan de bak moeten en ervoor moeten zorgen dat alles transparant blijft. Dat lukte goed, de musici hielden de spanning goed vast en hadden geen moeite met de vaak wisselende tempi en veranderingen in sfeer van een Dies Irae stemming tot en met ritmisch zwierige muziek.
Zaterdag 17 juni speelt HZO in Aardenburg en 18 juni in Veere. Een kans om het orkest eens te zien en horen in nu eens geen programma van overbekende composities, maar werken die absoluut de moeite waard zijn en de zomerse sfeer extra onderstrepen. Mis deze kans niet!